Tag Archives: Amsterdam

Anouk Piket: ‘Laten we graffiti gewoon als kunst bekijken’

Het interview met Anouk Piket en de foto’s verschenen in Dzone 143 in 2012.

Op de zijkant van het vreselijk saaie gebouw van Liander aan de Amsterdamse Hoogte Kadijk ontstond begin deze zomer een kunstwerk, gemaakt door de Braziliaanse kunstenares Fefe Talavera. Het is onderdeel van diverse straatkunstwerken, verspreid over de hele stad. Een en ander wordt georganiseerd door Stichting Caramundo, onder de naam R.U.A. – Reflexo on Urban Art. De stichting houdt zich bezig met culturele uitwisseling tussen Brazilië en Nederland en probeert in de arme wijken in Brazilië mogelijkheden te scheppen voor jongeren. R.U.A. is een onafhankelijk street art-platform en online kunstgalerie, dat tentoonstellingen organiseert, workshops en debatten over het belang van kunst. Dzone sprak met Anouk Piket, een van de initiatiefnemers van RUA.

Anouk Piket: ‘Ik heb jaren in Brazilië gewoond en onderzoek gedaan in veel verschillende wijken in Rio de Janeiro naar hiphop en de hiphopcultuur en zo kwam ik in contact met graffitischrijvers. Het viel me op dat ze in Brazilië heel kleurrijke en figuratieve graffiti maken, vaak met een maatschappelijke boodschap. Ik ben me daar meer in gaan verdiepen en op een gegeven moment wilde ik in Nederland iets gaan organiseren, zodat in Nederland, deze vorm van straatkunst onderdeel zou worden van het dagelijks leven van bewoners.’

Is graffiti in Brazilië meer geaccepteerd?
Anouk: ‘In Brazilië maken ze heel duidelijk onderscheid tussen taggen en street art, muurkunst. Kleurrijke muurkunst wordt er toegestaan, gedoogd eigenlijk. Als een buurt het accepteert, wordt het toegestaan. Omdat ze niet steeds worden opgejaagd krijgen graffitischrijvers veel tijd om hun kunst te ontwikkelen en hun technieken te verbeteren. Daarbij houden ze ook niet zo strikt vast aan de oorsprong van graffiti in New York, maar wordt er meer expressief gewerkt. Ze maken er echt een weekenduitje van, waarbij ze met een hele groep samen een muur gaan doen. Muziek erbij, biertje, totaal anders dan hier.

‘Natuurlijk zullen er altijd mensen zijn die het niet mooi vinden, maar er zijn genoeg mensen die het wel waarderen’

Sowieso zijn er in Nederland heel veel wetten en regels. Ik wilde toch proberen of we iets dergelijks in Nederland ook voor elkaar konden krijgen. Ik wilde vooral laten zien hoe graffiti ook gezien kan worden, dat het niet per se als vandalisme moet worden gezien en dat je het kunt inzetten in verwaarloosde wijken en als kunst in de openbare ruimte. Er wordt wereldwijd graffiti in galeries en musea geëxposeerd en voor heel veel geld verkocht, dus het moet niet als een mindere vorm van kunst gezien worden. Dat statement wilde ik met R.U.A. maken, door huizenhoge kunstwerken in de openbare ruimte te maken: laten we het gewoon als kunst bekijken. Natuurlijk zullen er altijd mensen zijn die het niet mooi vinden, maar er zijn genoeg mensen die het wel waarderen.’

Hoe heb je dat aangepakt in Nederland? Jullie begonnen in 2009 in Rotterdam?
Anouk: ‘Ja, dat ging makkelijker dan in Amsterdam. Rotterdam is anders dan Amsterdam, met veel “oude” nieuwbouw en bouwputten. Amsterdam is erg monumentaal en er zijn veel meer regels die voorkomen dat er iets spontaans in de stad gebeurt. We hebben jaren gelobbyd bij allerlei instellingen en uiteindelijk is het gelukt.
In samenwerking met Angelo Bromet konden we in Zuidoost een muur krijgen in Heesterveld van woningbouwvereniging Ymere. Daarna zagen andere woningbouwverenigingen ineens de waarde van street art. Die eerste muur heeft zichtbaar heel veel invloed gehad in het verbeteren van de wijk. Daarna werden andere woningbouwverenigingen en stadsdelen ook enthousiast en gingen de deuren langzaam open. Het was ineens geen graffiti meer, maar iets goeds voor de buurt. Uiteindelijk was het voor het vinden en regelen van alle panden een lang proces met veel vergaderingen met instellingen, welstand, stadsdelen, woningbouwverenigingen, buurtcomités en verenigingen van bewoners voordat iets goedgekeurd was.’

Dat lijkt me moeilijk. Er zijn altijd wel mensen tegen. Hoe gaat het dan?
Anouk: ‘We hebben bijeenkomsten met de bewoners van de panden. We vertellen dan wat het idee van het geheel is. De bewoners hebben inspraak of ze het wel of niet willen. Er waren een paar panden waarvan een aantal bewoners niet akkoord ging en die zijn dan ook niet beschilderd.
Ik denk dat heel veel kunstenaars in Amsterdam ook wel zo’n idee als dit hebben gehad, maar het nooit hebben doorgezet, omdat het zo’n moeizaam en lang proces is. Wij zijn twee jaar bezig geweest met praten, praten, praten. Als je je ergens in vastbijt lukt het uiteindelijk wel, maar je moet wel een lange adem hebben. Zeker in Amsterdam.’

Was het moeilijk om Ymere te overtuigen voor dat eerste pand in Amsterdam?
Anouk: ‘Het ging daarbij om de Heesterveld Creative Community, dus het was sowieso al een speciaal pand. Wij waren daar met een uitwisseling bezig voor een workshopprogramma van R.U.A. Ymere wilde daar al allerlei dingen organiseren, zodat het gebied wat aantrekkelijker werd, dus een kunstwerk paste goed in hun plannen. Voordat we het uiteindelijk mochten doen, zijn er wel heel veel besprekingen geweest. Ze wilden eerst schetsen zien, zodat ze wisten wat er op zou komen.

‘Voordat we het uiteindelijk mochten doen, zijn er wel heel veel besprekingen geweest’

Over het algemeen is er inmiddels veel enthousiasme vanuit pandeigenaren voor R.U.A., maar ook heel veel angst dat er beeld op komt dat niet past in de plannen voor een buurt, bijvoorbeeld blote vrouwen of religieuze uitingen. Dat wordt niet gewaardeerd. Voordat je kunt beginnen wordt er veel besproken.’

Hoe komen jullie aan de kunstenaars?
Anouk: ‘Ik zit zelf regelmatig voor lange tijd in Brazilië. Daar vind ik de artiesten voor de street art. Inmiddels hebben we een internationaal team van curatoren onder leiding van Ramon Martins (BR) die eerder meedeed in Rotterdam. Ook hebben we een enorm netwerk – via via, echt iets wat hoort bij graffiti en street art –, een soort parallelle samenleving waarin iedereen elkaar kent. Het is niet meer zo moeilijk om de juiste artiesten te vinden.
Momenteel is de kunstenares Ovni (Anna Taratiel) uit Barcelona aan het laatste pand aan het werk. Ze komt uit Barcelona maar woont in Amsterdam. Tot nu toe hebben we altijd met Brazilianen gewerkt, maar zij zijn natuurlijk niet de enigen die mooie dingen maken. Als er in de toekomst meer muren beschikbaar komen, willen we de deur openzetten voor kunstenaars uit allerlei landen en natuurlijk uit Nederland zelf, zodat het niet eenzijdig Braziliaans blijft.’


Hierboven: Kunstenares Ovni (Anna Taratiel) uit Barcelona aan het werk aan het laatste pand.

Blijven jullie dit in Amsterdam doen?
Anouk: ‘Wie weet… het ziet er op dit moment heel gunstig uit voor ons in Amsterdam. We zijn aan het kijken of we een vervolgtraject kunnen ontwikkelen, waarbij we meer panden, verspreid over de hele stad kunnen beschilderen. We krijgen veel vraag of zoiets ook in andere buurten kan. We kijken hoe we dat kunnen aanpakken.’

Hoe gaat dat financieel?
Anouk: ‘Altijd moeilijk! We hebben wel steun van sponsors en fondsen gekregen, maar het was allemaal minimaal. De bedoeling is dat het in de toekomst wat makkelijker gaat worden. Het is een zware job, voor de kunstenaars, voor iedereen die het organiseert, het is echt veel werk. Ik hoop dat na deze editie veel bedrijven ons willen sponsoren. Dat hoeft helemaal niet veel geld te zijn; als er veel bedrijven meedoen, dan komt het wel…’

Doe je dit fulltime, kun je ervan eten?
Anouk: ‘We werken er met z’n tweeën fulltime aan. Je kunt er wel van eten, maar er niet uitgebreid van uit eten. Maar met passie durven we het aan. We worden door andere mensen misschien wel als knettergek gezien.
We hebben een stichting Caramundo, die ik in 2004 heb opgericht. Ik wilde allerlei soorten artiesten, muzikanten en street art-kunstenaars naar Nederland halen en Nederlanders naar Brazilië brengen, uitwisselingen opzetten. We organiseerden toen heel veel culturele dingen in sloppenwijken voor jongeren die laaggeschoold waren. Dat doen we nog steeds, maar het is nu meer “kunstzinnig” geworden met R.U.A., dat inmiddels het belangrijkste project is. We kunnen van daaruit alle projecten faciliteren die we eromheen doen, sociaal, educatief, workshops en micro-ondernemingen.

‘Je kunt er wel van eten, maar er niet uitgebreid van uit eten’

De merchandising voor R.U.A. wordt bijvoorbeeld geproduceerd in Rio, maar omdat dat toch nog wel problematisch is – de jongeren moeten allemaal nog trainingen krijgen –, is het nu nog niet klaar. We gaan T-shirts met prints van het werk van de artiesten erop produceren. Als ze klaar zijn gaan we die online aanbieden. We willen topkunst en topkwaliteit, maar we willen het ook zo doen dat jonge mensen uit gebieden die het moeilijk hebben, kansen krijgen om zich te professionaliseren aan de hand van wat wij doen. Ook in Heesterveld werken we met jonge kunstenaars, filmmakers die ook een training bij ons hebben gevolgd. We hopen dat ze daarna zelfstandig culturele en commerciële dingen kunnen uitvoeren.’

Wat hebben jullie te maken met Heesterveld Creative Community?
Anouk: ‘We hebben een appartement in dat pand, waar we kantoor houden en waar de kunstenaars logeren als ze voor ons bezig zijn. Een soort Artist in Residence. Verder wonen er allemaal kunstenaars uit Amsterdam, onder andere van de Rietveld Academie, maar ook filmmakers en muzikanten. Er ontstond een soort artistieke samenleving tussen de Brazilianen en de bewoners van Heesterveld Creative Community en dat is zo goed bevallen dat we in Zuidoost graag meer dingen willen gaan ontwikkelen. Er kan een heel levendig circuit ontstaan in een wijk waar eerst niet zoveel was.

Meer info:
www.reflexonurbanart.org

De volledige inhoud is © 2014 Hans Frederiks, tenzij anders aangegeven.