Typografie herleeft in TTYPP, ‘Titi Wai Pipi’

Dit interview met Peter Merten en Max Kisman van TTYPP maakte ik in 2012 en het verscheen in Dzone 140.

Interview met Max Kisman en Peter Mertens van TTYPP

TYP/Typografisch papier werd in 1986 op een verjaardagsfeest opgericht. Initiator Max Kisman verklaarde die avond de oorlog aan de staat van de design, typografie en de smaak van de Nederlandse esthetische elite. Later verschenen publicaties over design, typografie, kunst en literatuur. Nu is er de eerste uitgave van TTYPP (zoals ze inmiddels heten) op de iPad, in samenwerking met de uitgever van Dzone, de IIIPublishers. Dzone sprak met Max Kisman en Peter Mertens over TYP, TTYPP en de staat van de typografie op dit moment. En natuurlijk over de nieuwe app.

In de sociëteit Arti et Amicitiae is het leeg en rustig. Peter Mertens en Max Kisman tonen voorafgaand aan het gesprek wat oude uitgaven van TYP, die later voor de foto’s nog een keer worden uitgestald. ‘Dit heeft onze faam destijds bestendigd’, zegt Peter Mertens voordat ik mijn eerste vraag stel.

De faam van wat precies? Wat was TYP en wat is TTYPP?
Peter Mertens: ‘Mag ik? Max, je valt me wel in de rede als…’
Max Kisman: ‘Het begin kan ik beter zelf eerst vertellen. Peter en Jan Dietvorst vierden hun verjaardagspartijtje in het chalet naast Paradiso. Het idee was om ze een niet-materieel cadeau te geven, om iets te doen, als interventie van het feestje: een actie of performance. Ik was in die tijd erg ontevreden over de staat van de typografie en de houding van typografen en grafisch ontwerpers. Het was net in de tijd van de opkomst van computers en ik bedacht als cadeau: ik ga een blauwdruk voor een tijdschrift aan ze geven. Ik hield een toespraakje waarin ik stelde dat het slecht gesteld was met de typografie in Nederland, en ik had al een aantal nummers van het tijdschrift gemaakt in fotokopie. Eentje zat er in een fles, die ik na de toespraak kapotsloeg tegen de schoorsteenmantel, als ware het ‘t dopen van een schip.’
Mertens: ‘We praten over 31 augustus 1986..’
Kisman: ‘En daarna zeiden Peter en Jan en…’
Mertens: ‘En toen bleek kleine Max, de kleinste van ons allemaal, maar hij had hele grote affiches vormgegeven, stapels tijdschriften gemaakt en zelfs een postzegeltje, zeg maar ‘de langste lul’ te hebben en groepeerden we ons rondom Max. Hij werd meteen hoofdredacteur…’
Kisman: ‘Zij wilden er daadwerkelijk een blaadje van gaan maken en zo is het begonnen. We hadden alles in huis, beeld, beeldende kunst, het beschouwende, het schrijven en het ontwerpen. Het gaat bij TYP niet alleen over de letter, de typografie, maar ook over de letter in het beeld.’

Peter Mertens.
Peter Mertens.

Mertens: ‘Er gaat nog wat vooraf aan deze geschiedenis. We waren een jongensclub. We kenden elkaar van de donkere kamer van de SSP (Drukkerij Stichting Studenten Pers) en we waren ook een keer gezamenlijk naar een tentoonstelling geweest in Gent. Daar werden we aangezien voor een club, ze vonden ons dezelfde soort mannetjes. Sindsdien moest gestalte worden gegeven aan het idee dat we een club zouden zijn. De verjaardag van Jan Dietvorst en mij werd gehouden door het genootschap Kunst en Macht. Max mocht dan zijn TYP-ding hebben – hij was met letters bezig –, maar wij waren met Kunst en Macht bezig. Max had een heel goede bijdrage aan die avond. Vrij vlot zijn na nummer 1 van het tijdschrift nummers A, B, C en D gevolgd.’
Kisman: ‘Er zijn er van dat eerste nummer vijftig gemaakt, gefotokopieerd. En we hebben iets later een week lang elke dag een krant uitgebracht, oplage 75, die je bij Athenaeum Nieuwscentrum kon kopen. Daarna kwam nog een TYP in een doos, met twee floppydisks met daarop een hypercard-stack en een lettertype, de Fudoni.’
Mertens: ‘We hebben drie, vier nummers gemaakt met een traditionele tijdschriftindeling: redactioneel, colofon, inhoudsopgaven, centerfold, met rubrieken en hoofdartikelen, tot op een gegeven moment het papieren deel minder belangrijk werd en digitaal belangrijker.’

Wat stond er in die hypercard-stack?
Mertens: ‘In dat nummer met de Fudoni stond Wims Album van de werkgroep Interactieve Media met het gedicht “De menselijke Geest is een prachtig ding, vooral die van mij kan ik u van harte aanbevelen, je weet niet wat je meemaakt, gewoon”. Onder meer. Als je onze geschiedenis verder volgt, kom je al snel op het feit dat we in een vroeg stadium – 1995 – de domeinnaam typ.nl hadden geclaimd. We hebben op de site zo’n veertien digitale magazines gemaakt, totdat we daar in 2002 mee stopten. Afgelopen zomer was er ineens iemand hongerig op zoek naar de domeinnaam typ.nl, voor talented young professionals, Die persoon heeft zijn beurs daarvoor getrokken en dat heeft tot nieuwe initiatieven geleid. We noemden ons ook wel Typ, typografisch papier, dus we hadden nog een t en een p over, en vandaar nu TTYPP, en sindsdien zijn we titi-wai-pipi. Het heeft tot nieuw drukwerk geleid, tot een band die optrad op TEDx Delft, waarbij Max tekende en Donald Beekman en ik experimentele muziek zetten onder het live tekenen van Max Kisman. 2012 wordt ons jaar, we betreden nu in volle vaart het digitale podium.’

Max Kisman.
Max Kisman.

Hoe staat het nu met de stand van de typografie? Is die nog even zorgwekkend als in 1986?
Kisman: ‘Ik vind het op dit moment ook nog wel zorgwekkend, maar de typografie is enorm geëxplodeerd, door de toegankelijkheid van de technologie. Iedereen kan nu lettertypes maken en is dat ook aan het doen. De hogere niveau typografie richt zich erg op betere productiemethoden, automatisering, standaardisering en de definitie van een typografische benadering. Je hebt de ontwikkeling van webfonts, waardoor je veel betere kwaliteitsnormen kunt hanteren in representatie van pagina’s via het web en in apps. De industrie is erg innovatief bezig, maar het is niet mijn ding. Er wordt wel heel erg naar klassieke vormen gekeken, waarbij je die klassieke vormen aanpast aan de technologie, waardoor die klassieke letters beter gerepresenteerd worden. Je ziet daarom heel veel nieuwe varianten op oude lettertypes. En dan heb je de ontwikkeling van populaire typografie, wat je kunt vergelijken met alles waar heel veel van gemaakt wordt. Een beetje een overdaad, het is niet slecht dat er zoveel wordt gemaakt, maar je kunt er moeilijk de weg in vinden. Er gebeurt heel veel, maar daardoor gebeuren er ook weinig dingen die echt houtsnijden. Er is weinig meningsvorming over typografie.’
Mertens: ‘Houtsnijden is de goede metafoor in dezen.’


©2014 TTYPP.

Kisman: ‘Iedereen vindt het wel best en werkt op zijn eigen eilandje en er is weinig waar je je tegen af kunt zetten, omdat er zoveel is. Het is heel gemiddeld allemaal.’
Mertens: ‘Toen wij met de Fudoni kwamen – de Futura en Bodoni versmolten tot één lettertype – was dat pissen tegen de schoenen van het kleine kerkgenootschap van typografen, die hun eigen kleine bastion hadden met dure apparaten, fotozetsel dat je moest bestellen. Daar mocht je helemaal niet naar kijken eigenlijk. Toen we dat ineens zelf konden doen dankzij de Mac en Fontographer, was dat eigenlijk heiligschennis. Nu, dertig jaar later, heb je nog steeds een kleine groep van een stuk of twaalf ontwerpers die je weer op elk symposium tegenkomt. Typografie is ondanks de grote vrijheid en openheid een kleine sekte gebleven. Het zijn andere mensen, maar de lijnen lopen wel rechtstreeks van de ene oude man naar de wat jongere oude man.’

‘Je bouwt random-factoren in, waardoor lettervormen ontstaan die vreemd zijn, onvoorspelbaar’

Kisman: ‘Je hebt de groep die typografie interpreteert vanuit de historische traditie, het vakmanschap en het ambachtelijke accurate, en je hebt een groep die maar een beetje leuke dingen doet, meer vanuit de vorm, de verschijning, niet vanuit de diepgang naar het schrift. Niemand maakt zich daar druk over want dat hoeft niet meer. Je kunt alles presenteren op de manier waarop je dat wilt. In de opleidingen is daar wel een discussie over. Ik voel mezelf ook meer een lettertekenaar dan een letterontwerper. Het enige waarin je je visie kwijt kunt, is wanneer je in een bepaalde context – of die nu sociaal-maatschappelijk of bijvoorbeeld technisch is – de typografie die je nastreeft daar in dienst van stelt. Dat het in balans is met het inhoudelijke aspect. En dat gebeurt te weinig. Het kunnen scripten met software bij letterontwerpen heeft heel veel bijgedragen aan het automatiseren van letterontwerpen, en in het op een willekeurige manier genereren van lettervormen. Wat ik aardig vind is wat wij bijvoorbeeld met knip en plak – op een handmatige manier – met de Fudoni gedaan hebben. Dat zijn dingen die je nu scriptmatig kunt doen. Je bouwt random-factoren in, waardoor lettervormen ontstaan die vreemd zijn, onvoorspelbaar. Je kunt steeds vragen stellen bij wat nu de vorm van een letter is, wat communicatie is en wat precies communiceert. Als een dergelijke discussie aanwezig is in de typografie, dan gebeurt er wat.’
Mertens: ‘Wat ik al met al niet zei is dat typografie juist als sleutel tussen taal en betekenis breed de kunst en het leven en de progressie vertegenwoordigt. Dat krijgt te weinig aandacht. Al met al is dat onze intentie en drive en drang. Dat willen we duidelijk maken met blog, papier, toer en app.’

En waarom nu een app?
Mertens: ‘Toen we weer een klein potje met geld hadden, vroegen we ons af wat we ermee konden doen. We wilden van alles. Bijvoorbeeld commentaar geven op Kunst en Macht en Typografie met blogs en websites. De beurs van kleine uitgevers is altijd iets waar grafisch vormgevers elkaar ontmoeten met hun papieren uitgaven, maar waar het ook broeit van ideeën wat er gaat gebeuren met digitale media. Praktisch gezien worden we het meest uitgedaagd door wat er mogelijk is op de iPad. Daar zijn de nieuwe mogelijkheden. Er is ook iets commercieels aan de hand: een gedrukt boekje kost ons altijd maar geld – we kunnen vriendelijk zijn en een drukker wil het ook wel voor ons drukken, maar plotseling is er een mogelijkheid om ook betaald te krijgen. Eerlijk is eerlijk: de App Store is een podium waar je wereldwijd geld mee kunt verdienen. Nu moeten we met een koffertje naar de kleine exclusieve boekhandels, maar ook dat levert niet echt wat op. We hebben er ook nooit iemand voor kunnen betalen. Hypothetisch krijgen we nu een podium waar dit wel degelijk kan gebeuren. We hebben natuurlijk onze bedenkingen dat je in de greep van Apple zit, maar ik vind dat ze een mooie winkel hebben ingericht die niet onderdoet voor Athenaeum Nieuwscentrum of Art Boek en die rechtstreeks aan onze kassa gekoppeld zit.’

Links Peter Mertens,rechts Max Kisman.
Links Peter Mertens,rechts Max Kisman.

Nog een laatste vraag: wie is Peter Mertens?
Mertens: ‘Wie is Peter Mertens! petermertens.petermertens.com PeterMertensPeterMertens is de echte artiestennaam. Meer is beter is ook eh… Ach zoek maar op. Petermertens.petermertens.com, daar staat een keurig cv: beeldend kunstenaar en aanjager van eh…’

Zeg het even in je eigen woorden!
Mertens: ‘Moeilijk om zelf in woorden zo samen te vatten. Hoe dan ook ben ik een early adaptor, heb ik een redelijke staat van dienst in het digitale, volg ik het spoor vooruit en zie ik nog veel meer komen dan wat er nu al geweest is.’

En Max Kisman?
Kisman: ‘Wie dat is? Professioneel ben ik illustrator, grafisch ontwerper, animator, letterontwerptekenaar en doe ik alles wat te maken heeft met de beeldende elementen van grafische vormgeving. Met een staat van dienst die teruggaat tot 1976, na het afstuderen aan de Gerrit Rietveld Academie, waar ik les had van Gerard Unger en Jan van Toorn.’

Meer info:
www.tedxdelft.nl/2011/12/act-max-kisman-iphone-jam/
(met hun biografietjes)
kismanstudio.nl
petermertens.petermertens.com
dbxl.nl
ttypp.nl
De TTYPP-app vind je trouwens hier.

De volledige inhoud is © 2014 Hans Frederiks, tenzij anders aangegeven.

One thought on “Typografie herleeft in TTYPP, ‘Titi Wai Pipi’”

Leave a Reply